Programmaboekje
Bruckner & Sibelius
vrijdag 22 mei
20:15
uur tot circa 22:15 uur
Laat je meevoeren door de Finse natuur van Sibelius en de symfonische grootsheid van Bruckner in een indrukwekkende muzikale seizoensafsluiting.
📳
Zet je telefoon op stil en dim het scherm, zodat je anderen niet stoort tijdens het concert. Foto’s maken is toegestaan tijdens het applaus.
Programma
Lingyuan Yang (2001)
One Minute Symphony: Coded 47 (2026)
Lees hier meer over de One Minute Symphony.
Jean Sibelius (1865-1957)
Vioolconcert in d, op. 47 (1904-1905)
Allegro moderato
Adagio di molto
Allegro ma non tanto
Anton Bruckner (1824-1896)
Symfonie nr. 6 in A (1881)
Majestoso
Adagio: Sehr feierlich
Scherzo: Nicht schnell – Trio: Langsam
Finale: Bewegt, doch nicht zu schnell
Einde concert circa 22.30 uur.
Waar ga je naar luisteren?
Toen Jean Sibelius in 1890 en 1891 aan het conservatorium in Wenen studeerde, heeft hij geprobeerd les te krijgen van Anton Bruckner die daar docent was. Deze weigerde vanwege zijn leeftijd en gezondheid, maar Sibelius heeft altijd bewondering voor het werk van Bruckner gehouden.
Duivelsmoeilijke noten
Jean Sibelius mocht dan tien jaar na zijn Weense conservatoriumtijd Finlands nationale held zijn met zijn patriottische Symfonie 1 en 2 en helemaal met Finlandia, zelf ging hij er bijna helemaal aan onderdoor. Hij vluchtte soms wekenlang van huis en dompelde zich onder in exorbitante drank en eetgelagen. Erger nog was dat die uitspattingen plaats vonden in de duurste restaurants van Helsinki, zodat Sibelius behoorlijk in geldnood kwam. Als voormalig beroepsviolist was het het makkelijkste en snelste een vioolconcert te schrijven, dat hij in 1904 voltooide. Het resultaat was een boeiende maar grillige rapsodie waarin de viool en violist tot het uiterste van hun mogelijkheden werden uitgedaagd. En ook van de orkestpartij had hij een waar symfonisch hoogstandje gemaakt. Graag had hij de Duitse virtuoos Willy Burmeister de première laten spelen, maar die had andere verplichtingen. Als tweede keus had hij Victor Nováček op het oog, maar voor hem waren de duivelsmoeilijke noten te hoog gegrepen waardoor de uitvoering een fiasco werd. Sibelius maakte een nieuwe versie die iets eenvoudiger was. Burmeister was zeer geïnteresseerd temeer daar Richard Strauss met de Hofkapelle Berlin zou dirigeren. Maar opnieuw was de violist niet beschikbaar en vroeg Sibelius de uitvoering korte tijd uit te stellen. Die weigerde echter en liet zijn oog nu vallen op Karel Halír, concertmeester van het Berlijnse orkest. Burmeister was woedend en heeft het Vioolconcert nooit gespeeld. Sibelius droeg het werk op aan het dertienjarige Hongaarse wonderkind Franz von Vecsey. Het succes was nu enorm en daarna was het niet meer weg te denken van het concertpodium. Tot op de dag van vandaag is het Vioolconcert van Sibelius het meest gespeelde soloconcert van de twintigste eeuw.
De brutaalste
‘Het geluk is daar waar je niet bent’, beroemde woorden van Goethe die zouden kunnen slaan op de verlangens van Anton Bruckner als musicus. In de loop van zijn leven groeide hij uit tot een succesvol organist, professor aan het conservatorium en de universiteit van Wenen en schreef een groot aantal gewaardeerde motetten en missen. Maar Bruckners ideaal lag bij zijn symfonieën, werken waaraan hij vele jaren besteedde maar die lange tijd vrijwel niet op het concertpodium verschenen.
Maar Bruckner liet zich er niet door afschrikken. In 1879 begon hij onverdroten aan zijn Symfonie nr. 6, die hij in 1881 voltooide. En hij was er tevreden over. ‘Die Sechste ist die Keckste’ , (‘de zesde is de brutaalste’) beweerde hij. En waar hij andere symfonieën tot in den treure verbeterde en veranderde, liet hij de Zesde na voltooiing vrijwel ongemoeid. Ondanks al die gekheid is deze symfonie, net als zijn voorgangers, een groots bouwwerk, gebaseerd op een klassiek schema dat Mozart en Haydn al voor hun symfonieën gebruikten. Het begint met een breed opgezet eerste deel waarin een stevig eerste thema en een melodieus tweede thema elkaar in evenwicht houden. Het adagio is zeer statig, (sehr feierlich), gedragen door enkele hemelse melodieën. Er volgt een scherzo, waarin Bruckner qua tempo bijna teruggrijpt op het menuet dat in de achttiende eeuw op deze plek in de symfonie stond. De finale brengt, met zijn contrasterende thema’s het werk tot een enerverend en soms driest einde.
Genoten heeft Bruckner maar beperkt van de Zesde. Hij heeft het één keer kunnen horen tijdens een losse repetitie en deel twee en drie tijdens een concert in Wenen. Mahler durfde in 1899, enkele jaren na Bruckners dood, wel een volledige uitvoering aan, maar stevig bewerkt naar zijn eigen inzichten. Een echte authentieke uitvoering kwam er pas in 1901. En waar in de twintigste eeuw Bruckners symfonieën steeds populairder werden, werd de Zesde lange tijd als stiefkind behandeld. Gelukkig is dat verleden tijd en heeft het werk dezelfde status als de andere zeven en een half van de grote meester.
Kees Wisse
Liever op papier? Download een beknopte printbare versie van dit programma.
Biografieën
Residentie Orkest Den Haag
Jun Märkl
Bomsori Kim
Fun Fact
Bijna concertviolist
Sibelius kon zo’n lastig vioolconcert schrijven omdat hij zelf een uitstekend violist was en de intentie had om concertviolist te worden. Hij bracht het tot vioolstudent in Wenen en speelde zo nu en dan bij de Wiener Philharmoniker. Zelfs deed hij een auditie voor een vaste plek in het orkest maar werd afgewezen. Daarna gaf hij zijn ambities op en legde zich volledig toe op het componeren.
Vandaag in het orkest
RO QUIZ
Wat was Bruckners hobby?-
Vogels spotten
Antwoord: Voorwerpen tellen
Bruckner had een fascinatie voor cijfers en telde obsessief dingen zoals ramen, bomen en zelfs knopen. Hij hield ook statistieken over van zijn gebeden en dagelijkse gewoontes en was verder dol op zwemmen.
-
Bergbeklimmen
Antwoord: Voorwerpen tellen
Bruckner had een fascinatie voor cijfers en telde obsessief dingen zoals ramen, bomen en zelfs knopen. Hij hield ook statistieken over van zijn gebeden en dagelijkse gewoontes en was verder dol op zwemmen.
-
Voorwerpen tellen
Antwoord: Voorwerpen tellen
Bruckner had een fascinatie voor cijfers en telde obsessief dingen zoals ramen, bomen en zelfs knopen. Hij hield ook statistieken over van zijn gebeden en dagelijkse gewoontes en was verder dol op zwemmen.
Antwoord: Voorwerpen tellen
Bruckner had een fascinatie voor cijfers en telde obsessief dingen zoals ramen, bomen en zelfs knopen. Hij hield ook statistieken over van zijn gebeden en dagelijkse gewoontes en was verder dol op zwemmen.
Help Den Haag aan muziek!
Steun ons en help alle inwoners van Den Haag te bereiken en te verbinden met onze muziek.
Bekijk alle programmaboekjes
Houd rekening met uw buren en zet de helderheid van uw scherm omlaag.