Programmaboekje

Pärt & Tavener

zaterdag 30 mei
20:15 uur tot circa 22:15 uur

Een muzikale ervaring voor de ziel, vol meditatieve schoonheid en stilte. 

📳

Zet je telefoon op stil en dim het scherm, zodat je anderen niet stoort tijdens het concert. Foto’s maken is toegestaan tijdens het applaus.

Programma

Waar ga je naar luisteren?

Pärt en Taverner, twee componisten die het aandurven de minimal music terug te brengen tot hun uiterste essentie. Beiden overtuigd gelovig proberen ze op deze manier de luisteraars naar een hogere religieuze belevingsdimensie te tillen. ‘Holy minimalists’, is om die reden hun bijnaam. 

 

Klokjes 

De Estse Arvo Pärt begon zijn carrière als rebelse avant-gardist met werken die uitblonken in twaalftoonsmuziek, serialisme en andere atonale compositietechnieken. Maar na verloop van tijd veranderde hij van stijl. Gecompliceerde klankuitbarstingen maakten plaats voor muziek die bestond uit uiterst eenvoudige samenklanken waarin herhaling een grote rol speelde. Hij sloot zich aan bij de minimal music en ging zelfs verder waarbij hij zijn muziek reduceerde tot enkele lijnen en samenklanken die in hun subtiele herhaling een mystieke ervaring opriepen. ‘Tintinnabuli’, Latijn voor klokjes noemde hij deze techniek. Fratres, een van de eerste werken in deze stijl, bestaat slechts uit twee simpele melodische lijnen tegenover een harmonieuze drieklank. Door subtiele verschuivingen van deze drie elementen ontstaat er een reeks van negen variaties. Pärt schreef voor deze muziek geen specifieke instrumentatie voor. Voor hem waren de muzikale bouwstenen belangrijker dan de klankkleur. Op deze wijze zijn er een groot aantal versies van dit stuk verschenen. 

Festina lente, (haast u langzaam) is de titel van een andere tintinnabuli-compositie van Pärt. Hij gebruikt de tegenstelling tussen ‘haasten’ en ‘langzaam’ letterlijk. Op basis van de noten van een eenvoudige toonladder schept hij een melodie die tegelijkertijd driestemmig op normale snelheid, op halve snelheid en op dubbele snelheid te horen is. Om uit te komen worden de normale en snelle versie een paar keer herhaald om met de langzame versie in de pas te blijven. Uiteindelijk sterven alle drie stemmen weg in het niets. 

 

Sluier van de Moeder Gods 

Net als bij Pärt speelt bij John Tavener religie een zeer grote rol in zijn leven en muzikale expressie. In eerste instantie voelde hij zich aangetrokken door het katholicisme, maar ging later over naar de Oosters-Orthodoxe Kerk. In muzikaal opzicht was hij gefascineerd door de eenvoud van de orthodoxe muziek en de grote zeggingskracht die daar uit sprak. In eerste instantie verwerkte hij die inspiratie in veel koormuziek, waarbij hij, vergelijkbaar met Pärt, eenvoud en moderne compositietechnieken tot een weldadige stijl combineerde. In 1987 componeerde hij met The Protecting Veil voor het eerst weer puur instrumentale muziek. Het gaat terug naar een belangrijk feest binnen de orthodoxe kerken: de Beschermende Sluier van de Moeder Gods. Het is een bekende voorstelling die ook vaak op iconen wordt afgebeeld en waarin Maria haar beschermende mantel over de gelovigen uitspreidt. Naar zijn eigen zeggen probeerde Tavener deze icoon in muziek te vangen, waarbij de solo-cello Maria voorstelt, ingebed in de klanken van een strijkorkest. Hij trekt het ook breder door in zijn compositie nog andere taferelen van het leven van Maria te betrekken. Als basis gebruikt de componist een aantal harmonische toonreeksen die hij verwerkt volgens middeleeuwse meerstemmige technieken, zoals vergrotingen, verkleiningen, reeksen op zijn kop of achterstevoren, en dat in allerlei canons met elkaar verbonden. Daarin schuwt hij moderne klanken niet. De reeksen en hun varianten kunnen soms flink botsen en leveren zelfs clusters van noten op. Het brengt spanning en ontspanning in de muziek, maar omdat het gebaseerd blijft op harmonieuze melodieën blijft de totale klank mild en meditatief. En dat is ook de bedoeling. De luisteraar gaat mee in de emoties van het leven van Maria, maar die zijn nooit zo sterk dat het religieuze karakter van de muziek verloren gaat. 

 

Tango en saudade 

Als ‘intermezzo’ heeft dit programma, naast improvisaties gelinkt aan het programma van Matthew Barley zelf, nog twee korte werken, die met een beetje fantasie aansluiten op de sfeer van de holy minimalists, Volgens Astor Piazzolla is de tango tegelijkertijd duivels en hemels. ‘Wij allemaal zijn tegelijkertijd God en de duivel’, was zijn overtuiging. Hij schreef een serie duivel-tango’s, maar ook een set engel-tango’s waarvan Milonga del Ángel de oudste is. Het werd later opgenomen in het toneelstuk Tango del Angel van Alberto Rodríguez waarin een engel zijn licht laat schijnen over de krottenwijken van Buenos Aires. 

Milton Nascimento is een Braziliaanse singer-songwriter die al sinds 1962 actief is. Enkele jaren speelde hij in het collectief Clube da Esquina waarmee hij in 1972 een dubbelalbum uitbracht. Een van de bekendste nummers daaruit is Um Girassol Da Cor De Seu Cabelo (Een zonnebloem in de kleur van je haar). Het is een lied van weemoed en verstild verlangen, ‘saudade’ zoals ze dat in Portugal en Brazilië noemen. 

Kees Wisse 

 

 

Liever op papier? Download een beknopte printbare versie van dit programma.

Biografieën

Residentie Orkest Den Haag
Het Residentie Orkest zet al 120 jaar de toon als symfonieorkest. Daar zijn we trots op. We hebben een breed, verrassend en uitdagend repertoire en voeren de mooiste composities uit.
Matthew Barley
cello en dirigent
Matthew Barley heeft een unieke internationale carrière opgebouwd, gekenmerkt door improvisatie, nieuwe muziek, baanbrekende computertechnologie, samenwerkingen met jazz- en Indiase musici, educatie en arrangeren maar altijd met het cellospel als kloppend hart.

Vandaag in het orkest

Barbara Krimmel

Tweede viool

Justa de Jong

cello

Martin Ansink

slagwerk

Help Den Haag aan muziek!

Steun ons en help alle inwoners van Den Haag te bereiken en te verbinden met onze muziek.

Bekijk alle programmaboekjes

Zit u in de zaal?

Houd rekening met uw buren en zet de helderheid van uw scherm omlaag.